
De Overbrugbaan: een nieuwe weg van werk naar werk
Het was 2022 en gemeenten en sociaal ontwikkelbedrijven zagen op de arbeidsmarkt een groeiend probleem. De groep werkzoekenden die graag aan de slag wilde, maar geen werkervaring had werd steeds groter. De oplossing leek simpel: zorgen dat een werkzoekende in korte tijd relevante werkervaring krijgt. Want ‘van werk naar werk’ is veel eenvoudiger dan ‘van werkloosheid naar werk’. Het idee Overbrugbrugbaan was geboren. Geen cursus, traject of goed gesprek kan vervangen wat een echte baan wel kan, namelijk het bieden van werkervaring. Het idee werd een volwassen concept en samen met collega-bedrijf Wedeka werd gewerkt aan een pilot. Het rondkrijgen van subsidies bleek een ingewikkelde klus, waar veel geduld en doorzettingsvermogen voor nodig was. Gelukkig zag Regio Deal snel dat het idee potentie had en subsidieerde de onderzoeksfase. Het lokaal bestuur in Oost-Groningen stemde in met de pilot, waarna in 2024 de eerste werkzoekenden konden instromen in een Overbrugbaan. In totaal kunnen zo’n 400 werkzoekenden in Oost-Groningen aan werk en werkervaring geholpen worden via de Overbrugbaan. Inmiddels is er vanuit de gehele arbeidsmarktregio interesse voor de Overbrugbaan en wordt er ook landelijk meegekeken.
Van bank naar baan een te grote stap
Bé Wever, strategisch beleidsadviseur bij Afeer, was vanaf het begin bij de Overbrugbaan betrokken en is nog steeds onverminderd enthousiast. In feite stond hij destijds samen met een paar collega’s aan de wieg van het project. “We constateerden dat we te maken hadden met enerzijds een stijgende vraag op de arbeidsmarkt en anderzijds een groep mensen die niet aan de slag kwam. We constateerden bovendien dat een deel van onze doelgroep niet werd bediend met de bestaande middelen uit de Participatiewet. En dus hebben we een oplossing bedacht om de mensen die al te lang aan de kant stonden, te helpen de afstand van bank naar baan te overbruggen.”

Hoe kijken hij en de huidige projectleider Jurrie Modderman, teammanager arbeidsmarkt bij Afeer, nu naar de destijds geformuleerde ambities. “We zijn uiteindelijk wat later gestart doordat het subsidietraject veel meer tijd in beslag nam dan aanvankelijk gedacht. In oktober 2024 zijn de eerste kandidaten ingestroomd. De opzet is dat een werkzoekende eerst een proefperiode van 3 maanden doorloopt en, als dat goed gaat, instroomt in een Overbrugbaan. De Overbrugbaan zelf bestaat uit maximaal 3 contracten van 6 maanden, 18 maanden dus of korter indien mogelijk. Ondanks dat het project in de tijd iets is opgeschoven, zien we al een aantal mooie successen. Een aantal mensen is al in de 1e of 2e contractperiode uitgestroomd als schilder, schoonmaker of als winkelmedewerker.”
Olievlek binnen en buiten de arbeidsmarktregio
Wever en Modderman zijn ervan overtuigd dat de Oost-Groninger Overbrugbaan het missende instrument in de Participatiewet is. Wever: “Voordat we echt gingen starten heb ik gesproken met het het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Daar was grote interesse in deze pilot en is men aangehaakt bij het project. Ook zien we dat er op meerdere plekken, zowel in onze eigen arbeidsmarktregio als daarbuiten, Overbrugbanen ontstaan. De gemeente Midden-Groningen is al begonnen. Eemsdelta en Westerkwartier zijn ermee bezig en ook een aantal Drentse gemeenten tonen interesse en hebben het instrument in hun beleid opgenomen. De olievlek breidt zich steeds verder uit, we zijn flink wat ambassadeurswerk aan het doen. Wij hebben inmiddels veel ervaring opgedaan in het inrichten van de administratie en de arbeidsrechtelijke aspecten uitgezocht, zodat op andere plekken het wiel niet opnieuw hoeft te worden uitgevonden.”
Meedoen, en van daaruit verder
Qua methodiek is er niet veel veranderd, eigenlijk niets. Als een kandidaat al een behoorlijke tijd uit het arbeidsproces is, om wat voor reden dan ook, is het eerste wat er moet gebeuren: weer erin komen, arbeidsritme opdoen, werknemersvaardigheden aanleren. Modderman: “We hebben met z’n allen gezegd, iedere kandidaat die in aanmerking komt voor een Overbrugbaan, krijgt bij ons de kans. Maar ook als het niet goed gaat, laten we hem of haar niet weer los. We hebben onszelf een inspanningsverplichting opgelegd.”
Meedoen en van daaruit verder kijken, dat is de kerngedachte. Voor Wever en Modderman is een Overbrugbaan een succes wanneer ze om zich heen kijken en zien dat iemand door de proefperiode van 3 maanden is gekomen en groeit in zelfvertrouwen. “Dat is het allermooiste wat er is, je ziet mensen weer rechtop lopen, ze lopen soms letterlijk te stralen, hebben weer perspectief.”
Dat perspectief kan soms heel gericht en vanzelfsprekend zijn, zo zijn er bijvoorbeeld veel mensen nodig in branches als groenonderhoud en schoonmaken, maar, nuanceert Modderman: “Soms is het ook wat breder. We zien dat mensen met werkervaring vanuit een Overbrugbaan ook kunnen doorstromen naar andere branches dan waarin ze ervaring hebben opgedaan. Volgens mij bewijst dat het succes van de Overbrugbaan. Naast werkervaring krijgen werkzoekenden ook zelfvertrouwen. En daar heeft iedere werkgever wat aan.”
“Wij denken altijd in mogelijkheden”, vult Wever aan, “Laat iemand het proberen. Wij werken binnen het hele bedrijf met de zogenoemde motiverende gespreksvoering. Je moet met een open blik kijken en het gesprek aangaan, en niet van tevoren al beperkingen zien of (voor)oordelen opwerpen. Er is altijd wel iets.” Samen met de werkzoekende kijken dus waar zijn of haar talenten en mogelijkheden liggen. Soms leidt dat tot een uitkomst die je van tevoren misschien niet had bedacht, maar die toch resulteert in een passende baan.
Gerrit: “Werk vindt werk”

Een mooi voorbeeld van een verrassende uitkomst, van een plan A dat een plan B werd, is Gerrit van den Berg. Gerrit hoort bij de instromers van het eerste uur. Hoe hij bij Afeer terechtkwam? Hij wil niet teveel in detail treden, kijkt liever vooruit dan achterom, maar waar het om gaat: hij was al een hele tijd uit het arbeidsproces. Vanuit de Ziektewet kwam hij in de WIA en uiteindelijk in de bijstand. Hij wist dat hij dan in aanraking zou komen met de gemeente, en via de gemeente met Afeer, en belde zelf maar vast om een afspraak te maken. “Zo is het gegaan. Bij Afeer kreeg ik de kans om weer arbeidsritme op te bouwen in een Overbrugbaan. De proefperiode als chauffeur op het intern vervoer verliep goed en dus kon ik aan mijn 1e halfjaarcontract beginnen. Medewerker facilitaire dienst heette mijn functie officieel, ik kwam overal, hartstikke leuk. Mijn plan A was eigenlijk het groot rijbewijs halen en dan vrachtwagenchauffeur worden. Dat had gekund, maar in de nabije omgeving was daar niet zoveel werk in te vinden. Uiteindelijk ben ik overgestapt op plan B. Ik deed al vrijwilligerswerk in de kringloopwinkel van Goud Goed en daar kwam een baan vrij als chauffeur/assistent werkbegeleider, zodat ik in mijn 2e contractperiode al kon uitstromen.”
Had hij het zonder Overbrugbaan ook gered? Misschien wel, de contacten met Goud Goed waren er al, maar wat volgens Gerrit vooral de meerwaarde was: “Je bent met een Overbrugbaan alvast aan het werk. Dan is die stap naar een baan veel minder groot dan wanneer je vanaf de bank gaat solliciteren. En werk vindt ook werk hè? Je hebt contacten, er gaan deurtjes open. Het is wat dat betreft echt een brug. Je zit alvast weer in het proces en je hebt Afeer als backup. Niets dan lof voor mijn werkcoach Jesse en de adviseur arbeidsmarkt Gert. Zij hebben mij enorm geholpen met solliciteren en met zoeken. Zij kennen de juiste poppetjes op de juiste plek.”
Wat Gerrit in zijn huidig werk heel mooi vindt is dat elke dag anders is en dat hij er echt zijn ei kwijt kan. “Ik weet niet of het mijn talent is, maar het geeft mij veel voldoening om orde te scheppen. Zo heb ik een planning gemaakt en een werkrooster om de mensen op de juiste plaats te zetten. Ik ben er trots op dat ik daar de vrije hand in krijg. De mensen hier hebben allemaal een rugzakje en ik weet zelf hoe een paar domme keuzes je leven op de kop kunnen zetten. Het is zo makkelijk om meteen maar je oordeel klaar te hebben.”
Jeroen: “Zoveel meer dan geld alleen”

Toen Gerrit uitstroomde naar Goud Goed, kwam zijn plek als facilitair medewerker vrij voor een nieuwe instromer. Jeroen Bartels was er blij mee. Ook hij had jarenlang thuisgezeten en ook hij kwam via de gemeente in contact met Afeer. Zijn start was in het werklab Westerwolde. Toen duidelijk werd welke richting hij op wilde, kreeg hij via Afeer de kans om zijn rijbewijs te halen en door te stromen naar een Overbrugbaan, waar hij ‘as we speak’ nog net in de proefperiode van 3 maanden zit, met zijn 1e halfjaarcontract in zicht. Jeroen: “In het werklab van Vlagtwedde kon ik in een veilige en kleinschalige omgeving weer ritme opdoen en wennen aan het contact met mensen. Er was daar vrijwel geen druk en ik werkte maar een aantal uren per week. Inmiddels werk ik 32 uur per week en is de werkdruk al een stuk hoger. Er zit dus een hele mooie opbouw in. Zo krijg ik de ruimte om te groeien en later, hoop ik, zonder problemen over te stappen naar een reguliere baan”.
Wat is volgens hem de kracht van de Overbrugbaan bij Afeer? “Dat ze hier echt kijken naar de persoon, wat die kan en wat die wil. Bij andere instanties heb ik meegemaakt dat ze je gewoon zo snel mogelijk weer aan het werk willen hebben en dan moet je iets doen wat niet bij je past. Kijk, je kunt voor een snelle oplossing kiezen of je kunt voor een duurzame oplossing kiezen. Als je iemand daarheen kunt brengen waar hij echt past, is niet alleen de kans op succes groter, maar heb je ook op termijn een grotere kans van slagen. Dat je niet na een half jaar het wel gezien hebt. Het gaat bij een baan niet alleen om het geld. Het is zoveel meer, het gaat ook om de collega’s, de werksfeer. Ik sta elke ochtend met frisse zin op, dat vind ik het belangrijkste.”